Drager/media
Informatie, zoals audio (geluid), video (beeld) en/of data (gegevens), kan op bepaalde manieren worden opgeslagen. Deze opslag vindt plaats op een drager, ook wel medium genoemd. Voorbeelden van media zijn DVD's, CD's, lp, cassettebandjes, diskettes, etc.
Door de jaren heen hebben veel verschillende media de revue gepasseerd. Zo was voor audio (muziek) de elpee (ook bekend als langspeelplaat, kortweg lp) gangbaar tot de jaren '90. Tegelijk met de plaat was de cassette een ander populair medium voor geluid.
Na lp en cassette deed de CD zijn intrede als voornaamste drager van muziek. De overgang van analoog (lp/cassette) naar digitaal (cd) was revolutionair. Niet alleen kon er meer muziek op een minder grote schijf, ook de kwaliteit was aanzienlijk beter. De CD was in de ROM vorm ook geschikt voor het dragen van informatie, zoals bijvoorbeeld persoonlijke bestanden of computergames.
Voor tonen van beelden bestaan media als het negatief (een kunststof lint met een lichtgevoelige laag die beelden kan vastleggen met behulp van een foto- of filmcamera), de foto, de dia (een doorzichtige foto die met een projector op een meestal wit vlak afgebeeld kan worden) en de videoband (VHS) .
De opvolger van zowel de CD als de VHS is de DVD; net zoals de CD is de DVD een platte schijf met een zeer dunne gevoelige laag tussen twee schijfjes kunststof. Hoewel de DVD oorspronkelijk is ontwikkeld voor het dragen van films, kan op de DVD ook een aanzienlijke hoeveelheid data opgeslagen worden (tot wel 10x meer dan op een CD).
Voor de toekomst zal Blu-Ray nieuwe standaard worden voor films en grote hoeveelheden bestanden. Voor kleinere hoeveelheden bestanden zijn tegenwoordig geheugensticks, memorykaarten en MP3-spelers gangbaar.